-
Lees meer...
Gisteravond was ik te gast op een bijeenkomst van het Noorse fondsenhuis Skagen. De meeting werd gehouden in het historische West-Indisch huis. Een van de sprekers was de Zwitserse Dr. Marc Faber, beter bekend als Dr. Doom. Al bij de start van de sessie bleek de locatie interessant omdat hier de eerste bubbel uit de geschiedenis is ontstaan, de tulpenmanie.
-
Lees meer...
Inleiding
Naar aanleiding van mijn vorige artikel kreeg ik via de sociale media (reaguren onder een artikel is zo 2012) diverse berichten dat mijn stelling, dat Rutte het zo goed had gedaan met de inkomensafhankelijke zorgpremie, niet klopte. Hij was hiermee toch akkoord gegaan? -
Lees meer...
Het was me een roerig jaartje wel, dat 2012. Het was smullen voor iedereen die in politiek geïnteresseerd is, met briljante en genante momentjes.
Eerst was er de wegloop / wegduik / wegkijk actie van Geert Wilders. Door-de-mand-valler numero uno. Grote bek, maar aanpakken? Durft niet als het moet. Nu neemt écht helemaal niemand hem meer serieus. Exit Wilders.
Gisternacht was het derde en tevens laatste televisiedebat in de strijd om het Witte Huis tussen President Obama en zijn Republikeinse uitdager Mitt Romney. De presidentskandidaten traden met elkaar in het strijdperk over buitenlandse politiek op de Lynn University in de zwaar bevochten swingstate Florida onder leiding van Bob Schieffer van CBS News. In dit derde debat moest Romney het voordeel van President Obama op het gebied van buitenlandse politiek zien te overwinnen.
Na het zwakke optreden van Obama in het eerste debat en het krachtige optreden in het tweede debat, lag de druk bij het derde debat bij Romney. Zeker na de misser die Romney maakte in het tweede debat over de kwestie Libië. Laat dat nou net het terrein - buitenlandse politiek - zijn, waar Romney niet op zijn sterkst is. In het derde debat stond Romney voor de moeilijke opgave om qua kennis en inzicht in buitenlandse politiek gelijkwaardig te zijn aan President Obama. Op het gebied van buitenlandse politiek en nationale veiligheid geniet de President, zoals gebruikelijk, veel vertrouwen van de Amerikaanse bevolking. Het derde debat was de kans voor Romney om blijk te geven van zijn staatsmanschap en zijn vermogen om een leidende positie op het wereldtoneel te vervullen. Romney diende de Amerikanen te overtuigen dat hij een capabele Commander in Chief zal zijn. Het derde debat werd slechts door 59 miljoen mensen bekeken. Alleen het Vice Presidentsdebat werd door nog minder mensen bekeken.
Romney is er in het laatste debat niet geslaagd om qua kennis en ervaring gelijkwaardig te zijn met President Obama. Obama domineerde het debat volledig door een krachtig pleidooi te houden voor zijn buitenlandse en veiligheidspolitiek, afgewisseld met scherpe aanvallen aan het adres van Romney. Zo liet de Commander in Chief herhaaldelijk doorschemeren dat de oud-gouverneur van Massachusetts geen enkele ervaring had in buitenlandse politiek, een verwijt dat de republikeinen vier jaar geleden aan Obama maakten. Nu waren de rollen omgedraaid.
Het begin van Romney in een overigens mat debat, waar de meningsverschillen op buitenlandse politiek helemaal niet zo groot waren dan de aanvallen over en weer zouden doen vermoeden, was haperend en onzeker. Dat zal wel komen door het onderwerp, buitenlandse politiek vormt niet de kern van zijn kritiek op het beleid van Obama. Romney moest ook nog het spits afbijten in het debat over Libië, waar hij in het tweede debat over struikelde. Na dit moeilijke begin deed Romney er verstandig aan om geen nieuwe aanval op Obama te lanceren over Libië, met alle risico’s van dien dat Romney weer zou afgaan. In de rechtse media zoemde de discussie over Libië uit het tweede debat nog lang na. Veel conservatieve journalisten en opiniemakers betreurden het dan ook dat Romney de Libiëkwestie niet opnieuw oprakelde in het derde debat met Obama.
Romney slaagde er in het debat niet in om een scherpe, coherente kritiek te formuleren op de buitenlandse politiek van President Obama. Romney was het best wel vaak eens met Obama, wiens buitenlandse politiek het populairste onderdeel is van zijn eerste termijn als president. Het lijkt dat de campagne van Romney een strategische keuze heeft gemaakt om een positie te kiezen dichtbij de positie van Obama op het gebied van buitenlandse politiek. Romney bezigde geen oorlogszuchtige retoriek, maar benadrukte herhaaldelijk het belang van een vreedzame maar doch krachtige buitenlandse politiek. Hiermee nam Romney afstand van de neoconservatieve haviken die dominant waren in de Republikeinse Partij tijdens het presidentschap van Bush. Romney koos in het debat duidelijk positie in het midden om de zwevende kiezer gerust te stellen dat hij avontuurlijke buitenlandse politiek nastreeft. Romney deed zijn best om gematigd, rustig en niet dreigend over te komen.
Romney viel Obama wel herhaaldelijk aan op de vorderingen die Iran heeft gemaakt bij de ontwikkeling van nucleaire wapens, maar gaf niet aan hoe hij het anders zou hebben aangepakt. Romney blonk in het derde debat uit in vage abstracties. Hij maakte geen fouten zoals in het tweede debat over Libië, hij was duidelijk beter voorbereid. Romney toonde zich geen groots staatsman, maar hij gaf wel blijk van zijn inzicht in de verschillende issues van de buitenlandse politiek. Volgens politiek commentator David Gergen (CNN) slaagde Romney in dit debat voor zijn examen Commander in Chief.
Ook uit de peilingen bleek dat Obama dit debat had gewonnen. Uit een peiling van Public Policy Polling bleek dat 53% van de kijkers vonden dat Obama het debat had gewonnen versus 42% die vonden dat Romney had gewonnen. Romney scoorde goed bij onafhankelijke kiezers uit swingstates: 47% van onafhankelijke ongebonden kiezers waren meer geneigd om voor Romney te stemmen na het debat, 35% waren minder geneigd voor Romney te stemmen. Onafhankelijke kiezers lijken weg te drijven bij Obama. Slechts 32% van onafhankelijken zeiden dat ze meer geneigd waren voor Obama te stemmen, 48% waren minder geneigd voor Obama te stemmen. Volgens een peiling van CNN bleek dat 48% van de kijkers vond dat Obama het debat had gewonnen tegen 40% voor Romney. Volgens een peiling van CBS bleek dat Obama het debat won met 53%. Volgens 23% van de kijkers won Romney het debat, 24% vond het een gelijkspel. Ook uit een peiling van Reuters blijkt dat Obama het debat heeft gewonnen met 47% tegen 31% voor Romney.
Net als na het tweede debat, levert deze overwinning van het derde debat Obama weinig op in electorale zin. Het tweede en het derde debat zullen weinig verschuiving in de electorale krachtsverhoudingen tussen Obama en Romney teweeg brengen. Dit blijkt ook uit de peiling van CNN na het debat, waaruit blijkt dat 24% meer geneigd was na het debat op Obama te stemmen en 25% meer geneigd te stemmen op Romney. Bij 50% van de kijkers heeft het debat geen invloed gehad op hun voorkeur.
Debatten brengen in de regel maar weinig verandering in de electorale preferenties. Grote uitzondering op deze regel vormde het eerste televisiedebat, dat Romney een voorsprong in de peilingen heeft opgeleverd. Dat is niet veranderd na de twee kleine nederlagen in de debatten die daarop volgden. Getuige de agressieve en aanvallende stijl van debatteren, heeft Obama geprobeerd in het tweede en het derde debat het momentum bij Romney weg te halen. Dat is echter niet gelukt. Romney staat nog altijd op een kleine voorsprong. Obama ziet zich nu geconfronteerd met een scenario dat Democraten hadden willen voorkomen: een nek-aan-nek race.
Met nog twee weken tot aan de presidentsverkiezingen, gaat de verkiezingscampagne de laatste fase in. In deze fase zullen alle middelen, zoals radio- en televisiespotjes, robocalls en grondtroepen van partij-activisten, worden ingezet in de swingstates om de verkiezingen in het eigen voordeel te beslissen. De Democraten zullen alles in het werk stellen om Ohio te winnen. De Obamacampagne ziet Ohio als Ground Zero. Zonder Ohio is de kans dat Romney aan 270 kiesmannen kan komen erg klein. De Democraten gaan ervan uit dat als ze Ohio winnen Obama nog vier jaar president is.